In 1989 wordt de BouwproductenRichtlijn (CPD : Construction Products Directive) door de Europese Gemeenschap goedgekeurd. Als gevolg van deze richtlijn mogen bouwproducten nog slechts in de handel gebracht worden - zowel in eigen land als in welk land van de Europese Unie dan ook - als ze "zodanige eigenschappen bezitten dat de bouwwerken, waarin zij moeten worden verwerkt, gemonteerd, toegepast of geïnstalleerd, indien behoorlijk ontworpen en uitgevoerd, kunnen voldoen aan de fundamentele voorschriften".
Het uitgangspunt van de Bouwproductenrichtlijn is dat bouwwerken moeten vodoen aan de zes fundamentele voorschriften :
Opgelet : de Eurocodes hebben enkel betrekking :
Door middel van Interpretatieve Documenten worden de zes fundamentele voorschriften (die betrekking hebben op bouwwerken) omgezet naar eisen voor de bouwproducten. De Europese Commissie geeft vervolgens voor elke productfamilie opdrachten ("mandaten" genoemd) aan de Europese instellingen CEN en EOTA voor het opstellen van geharmoniseerde productspecificaties, waarin deze eisen voor praktisch gebruik verder uitgewerkt worden in termen van prestaties. "Geharmoniseerd" betekent hier "volgens de strikt juridische context van de Bouwproductenrichtlijn", dus als basis voor het toekennen van de CE-markering. In deze mandaten is dus eveneens de procedure voor het toekennen van de CE-markering bepaald.
Men kan twee grote groepen geharmoniseerde productspecificaties onderscheiden :
De infoPoint website geeft een volledige en regelmatig bijgewerkte informatie weer over de certificatie van bouwproducten in België (CE-markering, ATG, Benor...).
De Eurocodes vormen een onontbeerlijke schakel in de logische ketting tussen de toepassing van de CPD en de 6 basiseisen die betrekking hebben op de bouwwerken.
De Eurocodes vormen een zeer belangrijke reeks normen om aan te tonen dat bouwwerken - gemaakt met bouwproducten die beschikken over een CE-markering volgens de CPD - ook in hun geheel voldoen aan de fundamentele voorschriften. De Eurocodes maken op die manier de intrede van de eenheidsmarkt eenvoudiger, door de verschillen te weg te nemen tussen de verschillende ontwerpsmethodes die gebruikt worden in de Europese Unie.
Tenslotte dienen de Eurocodes ook als basis voor :
De Eurocodes vormen een geïntegreerd geheel van Europese normen voor het ontwerp en de dimensionering van gebouwen en kunstwerken, inclusief hun funderingen en bestandheid tegen aardbevingen. Doel van het programma van de Eurocodes is de opstelling van een geheel van gemeenschappelijke, technische regels voor het ontwerp van gebouwen en kunstwerken die bestemd zijn om de regels die van kracht zijn in de verschillende lidstaten van de Europese Unie te vervangen (zie ook 'Toestand in België').
Er zijn in totaal 10 Eurocodes (die elk uit aparte delen bestaan) :
Daarnaast bestaan er Eurocodes voor de verschillende bouwmaterialen :
Ten slotte zijn er nog twee aparte Eurocodes :
De brandweerstand is eveneens een specifieke materie die voor de verschillende bouwmaterialen wordt behandeld in iedere Eurocode (Deel 1.2 van iedere Eurocode behalve Eurocode 7 en Eurocode 8) - meer informatie kan men vinden op de website van NA Brandpreventie.
Iedere Eurocode is op haar beurt samengesteld uit meerdere delen. Zo bijvoorbeeld is Eurocode 2 (beton) onderverdeeld in afzonderlijke delen voor gebouwen, prefabricage, licht beton, spanbeton, bruggen, enz. In totaal zijn er 58 afleveringen voor het geheel van de Eurocodes (EN-toestand).
De Eurocodes zijn natuurlijk niet de enige Europese normen in de bouw. Op de Europese agenda staan verscheidene honderden productnormen en normen betreffende de proefmethoden ingeschreven.
Sedert
de publicatie van de Bouwproductenrichtlijn werd een omvangrijk normalisatiewerk
op Europees vlak toevertrouwd aan het CEN (Comité Européen de Normalisation),
het coördinatieorgaan van de nationale normalisatie-instellingen. Die taak werd
door de Europese Commissie toevertrouwd via de verstrekking van mandaten, die
in zekere zin "bestellingen" van normen zijn.
De site van het CEN geeft een goed overzicht van de structuur
en activiteiten van het CEN.
Met dat doel werden binnen het CEN verscheidene Technische Comités (TC) opgericht. In totaal maken de Technische Comités van het CEN meer dan 2000 normen betreffende het bouwbedrijf.
De volledige
lijst van alle Technische Comités van het CEN staat op de website van het
CEN.
Zie de lijst van de Technische Comités die actief zijn op het gebied
van de bouw.
Een specifiek Technisch Comité van het CEN is voor ons van belang: het TC 250 “Structural Eurocodes”. Dit in 1990 opgerichte Technisch Comité is belast met de opstelling van alle Eurocodes.
Het werkprogramma
van het TC 250 kan worden geraadpleegd op de site van het CEN.
Dit Comité is onderverdeeld in 9 subcomités (SC), die ieder een Eurocode voor hun rekening nemen. Iedere Eurocode wordt gekenmerkt door een nummer van een Europese norm (bijvoorbeeld EN 1991 voor de Eurocode 1).
| SC1 | Eurocode 0: “Grondslag voor het constructief ontwerp” | EN 1990 |
| Eurocode 1: “Belastingen op constructies” | EN 1991 | |
| SC2 | Eurocode 2: “Betonconstructies” | EN 1992 |
| SC3 | Eurocode 3: “Staalconstructies” | EN 1993 |
| SC4 | Eurocode 4: “Gemengde staal-betonconstructies” | EN 1994 |
| SC5 | Eurocode 5: “Houtconstructies” | EN 1995 |
| SC6 | Eurocode 6: “Constructies van metselwerk” | EN 1996 |
| SC7 | Eurocode 7: “Geotechnisch ontwerp” | EN 1997 |
| SC8 | Eurocode 8: “Aardbevingsbestendige constructies” | EN 1998 |
| SC9 | Eurocode 9: “Aluminiumconstructies” | EN 1999 |
In elk van deze subcomités worden de projectploegen ("project teams" of PT), soms onderverdeeld in werkgroepen ("working groups" of WG), die belast zijn met de opstelling van een volume van de Eurocodes. Het algemene gedeelte (Eurocode 0) wordt opgesteld door een speciaal PT van het TC 250. De coördinatie tussen de Eurocodes wordt verzekerd door vergaderingen van de "coordination group" (CG), en bovendien door drie horizontale groepen, die belast zijn met speciale onderwerpen (ze coördineren de teksten zonder ontwerpnormen voor te bereiden) :
Het
organigram toont de structuur van het TC 250
(beeld aanklikken om te vergroten).
De opstelling van Eurocodes en hun invoering in de verschillende betrokken landen (leden van het CEN) gebeurt in verscheidene fasen, en gebeurt via de normalisatie-instellingen (NSB) van de verschillende landen (in België is dat het NBN). Wij behandelen de procedure voor de opstelling van de Eurocodes alsook de manier waarop ze in de verschillende landen in het Europese programma worden ingevoerd.
De Eurocodes zijn in de eerste plaats bestemd voor de ingenieurs belast met de berekening van de stabiliteit, maar ze zijn (en worden) ook nuttig voor de andere bouwpartners :
De fabrikanten en verkopers van producten met een dragende functie (lateien, prefabliggers, metselwerkelementen en -blokken, damplanken,...) worden geconfronteerd met openbare en particuliere opdrachtgevers die met de Eurocodes werken (eventueel via een architect of ingenieur). Ze zullen hun fabricageproces en technische documentatie moeten aanpassen aan de terminologie en classificatie van de producten die eigen zijn aan de Eurocodes.
De architecten, ingenieurs en aannemers die onderling moeten kunnen communiceren, moeten onvermijdelijk vertrouwd geraken met de Eurocodes.
Tenslotte gebruiken de aannemers materialen waarvan de benaming en karakteristieken specifiek zijn volgens de Eurocodes. Bovendien bepalen die laatste de regels voor de uitvoering van de bouwdetails, de uitvoering en controle van de werken (bijvoorbeeld betondekking van de wapening, plaatsing van de wapening in metselwerk,...).